Zijn criminelen helden?

,,I don’t want to be a product of my environment. I want my environment to be a product of me,” zegt Frank Costello, gespeeld door Jack Nicholson in de film The Departed. Dit citaat, uit het verhaal over een Ierse misdaadbende in Zuid-Boston, had net zo goed uit de mond van een politicus, een treinmachinist, een boekhouder of een toiletjuffrouw kunnen komen. Want wil niet ieder mens controle over zijn of haar leven? Ja, is het antwoord op deze retorische vraag. De vervolgvraag is dan ook waarom de mensen die dat antwoord in de praktijk brengen zoveel bijval oogsten? Specifieker: waarom krijgen mensen die letterlijk over lijken gaan om hun doel te bereiken toch zoveel respect?

Een vraag die je mag stellen na het zien van karakters als Frank Costello, Vito Corleone (uit The Godfather trilogie), Ace Rothstein (uit Casino) of Henry Hill (uit GoodFellas). Deze mannen zijn culthelden geworden, ze worden geciteerd bij het leven. Dit terwijl al deze karakters in hun respectievelijke films tuig van de richel zijn die overleven via moord, afpersing en intimidatie. Brave huisvaders die Al Pacino’s karakter uit Scarface citeren; niemand kijkt er vanop.

Misdaad zit niet in een pasgeboren kind, maar wordt door een verdorven maatschappij aangeleerd, zei de Franse filosoof Rousseau in de 18e eeuw. Sindsdien is de discussie nooit afgesloten, maar er bestaat een zekere wetenschappelijke cohesie over de stelling van Rousseau. Maar als slechtheid niet vanaf de geboorte in de mens zit, waarom ontwikkelt iemand dan toch zoveel sympathie voor de duistere kant des levens?

Een mogelijke verklaring voor de heldenstatus van grote criminelen is het feit dat een doorsnee crimineel in staat is alles op het spel te zetten om zijn doel te bereiken. Iets wat niet voor iedereen is weggelegd, maar kennelijk wel door velen wordt bewonderd. We zien deze levensstijl ook bij kunstenaars en popartiesten. Mensen als Vincent van Gogh, Jimi Hendrix, Tupac Shakur en vele anderen wonnen na hun dood aan status door het simpele feit dat zij rücksichtslos leefden en niet leken te geven om leven en dood. Het is het klassieke verhaal van de zelfopoffering, een erfenis die het westen heeft overgehouden aan haar christelijke wortels.

Want was het niet Jezus Christus die het ultieme offer bracht en de mensheid redde door het geven van zijn leven? Het is het oerverhaal van het Europese lijden geworden. De verzuiling is voorbij en kerken lopen sneller leeg dan een waterbed op een spijker, maar dit verhaal blijft en herhaalt zich iedere keer als er een jonge ziel te snel sterft. Gestorven op het altaar van de misdaad, bijvoorbeeld. Dat klassieke verhaal, van alle tijden, dicteert welke mensen wij adoreren. Het geloof is niet meer zo alomtegenwoordig als vroeger in Nederland, maar de martelaar is springlevend. En die martelaar, die willen we allemaal zijn. Maar we durven niet en weten dat. Daarom krijgt de crimineel zoveel respect.