Tussen nu en dan: kunnen we ‘Leven met Sterven’?

We spreken in het Boeddhisme over drie kenmerken van bestaan: de ‘drie Dharma seals’.

Het eerste kenmerk, ook verwoord in de eerste van de ‘Vier Edele Waarheden’ van de Boeddha, is de fundamentele onbevredigdheid van het menselijk bestaan. Zodra er leven is, we geboren zijn, is er ook lijden. Het Sanskriet woord ‘Dukkha’, meestal vertaald als ‘lijden’, betekent letterlijk een wiel waarvan de as aanloopt. Het loopt niet lekker, het stokt, het stroomt niet, het schuurt. Zelfs in periodes van het tegenovergestelde van Dukkha, namelijk ‘Sukkha’, als alles meezit, op rolletjes loopt, ligt de angst op de loer dat we dit weer zullen verliezen.

En dat klopt ook, want het tweede kenmerk van bestaan is dat alles vergankelijk is: ‘Annica’. Alles wat ooit is ontstaan, zal ook weer vergaan. Niets blijft hetzelfde, alles is in voortdurende verandering. Ons lichaam, onze emoties, onze meningen, alles om ons heen, de situatie in de wereld, alles is aan constante verandering onderhevig. Ik woon nu aan de Waal en loop er graag even naar toe. De rivier stroomt soms snel, soms langzaam, het water staat soms hoog, dan weer laag, het licht is altijd weer anders.

Voor een rivier vinden we dat wel oké, maar in ons leven houden we meestal niet zo van al die veranderingen. Als de dingen goed gaan, willen we dat het zo blijft. We willen zo graag houvast, zekerheid, overzicht, controle. We willen het liefst een stukje dijk om dat water heen bouwen. We maken er liever een voorspelbaar, overzichtelijk poeltje van. Maar: dan is ook het leven er uit; er is geen stroming, geen beweging meer. Bovendien gaat stilstaand water al snel stinken! En dan zijn we weer terug bij het eerste bestaanskenmerk: onvrede, dis-ease. Heraclitus zei al: “You never step twice in the same river. Everything flows and nothing abides”.

Vergankelijkheid wordt vaak vooral gezien als iets negatiefs: we kunnen niets vasthouden. Of zoals Herman van Veen het zei: “Lieverd, dit leven is als sneeuw. Je kunt het niet bewaren!” De Boeddha geeft aan dat vergankelijkheid ook het goede nieuws is: zonder verandering / vergankelijkheid is er namelijk geen leven mogelijk. Een zaadje zou altijd een zaadje blijven, wat betekent dat ook geen gewassen zouden kunnen groeien die ons voeden. Een baby zou altijd baby blijven en nooit opgroeien. Pijn zou eeuwig pijn blijven, een plan nooit tot uitvoer gebracht worden.

Het derde kenmerk van bestaan – dat ook voortkomt uit die constante verandering – is dat alle verschijnselen daarom ook geen onafhankelijk, blijvend, inherent, zelfstandig bestaan hebben: Geen-zelf, ‘Anatta’, en ‘Shunyata’ in het Boeddhisme.

Het werkelijk doorzien van ‘impermanence’ leidt tot de ontdekking / ervaring van ‘geen permanent zelf’. Het besef van ‘Geen-zelf’ / Sunyata leidt tot Nirvana, ware vrede, het opheffen van Dukkha. Het woord ‘Nirvana’ betekent onder andere het ontbreken, wegvallen van alle concepten en het uitdoven van alle strevingen. Vrijheid, vrij van concepten, dus ook van ideeën over Geen-zelf, vergankelijkheid, Nirvana!

Als je vergankelijkheid helemaal accepteert, dan kan je je overgeven aan het leven zoals het zich aandient. Dan kan je ten volle ‘Leven tussen nu en dan’.

De Boeddha benadrukte al het belang van stilstaan bij het feit dat we eens zullen sterven als een zeer belangrijke spirituele beoefening: “Van alle meditatie oefeningen is er geen als die over de dood”. Het besef en aanvaarden van de onvermijdelijkheid van de dood is een manier om ons leven te verrijken en bewuster te leven. Het kan helpen om onze angst voor de dood te transformeren en een diepe dankbaarheid, waardering voor dit leven oproepen.

Wat is het wat ons zal kunnen helpen, los van het diepgaand accepteren dat we sterfelijk zijn? In de zen traditie zien we de dood vooral als een onkenbaar mysterie en erkennen we dat we het niet weten. En desondanks worden we aangemoedigd om ‘the great matter of life and death’ volledig te doorgronden en te doorzien. Tijdens zen retraites wordt aan het einde van elke dag op indringende wijze door een persoon gezongen: “Life and death are of supreme importance. Time swiftly passes and opportunity is lost. Let us awaken, awaken. Take heed!! Do not squander your life!” Een oproep om wakker te worden, te ontwaken en je leven niet te verkwisten.

Tussen nu en dan: kunnen we Leven met Sterven? Jazeker, en volgens mij kan meditatiebeoefening bijdragen aan het leren loslaten, elke uitademing weer. Ervaren dat geen enkele gedachte of emotie blijvend is en uiteindelijk ‘leeg’ van een solide zelfstandig bestaan, net als dat wat wij ‘ik’ noemen. Dat ‘ik’ dat eens zal sterven. Hoe meer we onze vergankelijkheid en sterfelijkheid kunnen omarmen als natuurlijk onderdeel van ons leven, hoe meer we NU ten volle kunnen leven!

Zie ook het filmpje ‘De schoonheid van vergankelijkheid': http://holistik.nl/alan-watts/

P.S. Voor de langere versie van dit artikel (dat eerder bij http://www.vriendenvanboeddhisme.nl verscheen) zie  “http://www.zenspirit.nl/”

Geplaatst in Vergankelijkheid

Over Irène Kaigetsu Bakker Sensei

Irène Kaigetsu Bakker Sensei is geautoriseerd zenleraar en zen priester in de overdrachtslijn van de Amerikaanse Zenmeesters Joan Halifax en Bernie Glasmann. Als therapeut had zij een eigen praktijk en werkte zij tot begin 2010 met mensen met kanker in een psycho-oncologisch centrum, waar zij zowel therapie als stervensbegeleiding en mindfulness cursussen gaf. Irène Bakker is spiritueel leider van Zen Spirit en geeft naast zenmeditatie o.a. trainingen over omgaan met sterven, zowel in Nederland als in het buitenland. Zie HYPERLINK "http://www.zenspirit.nl/"www.zenspirit.nl