Ode aan het Vrije Westen

Er zijn cultuurpessimisten die menen dat het Vrije Westen aan de rand van de afgrond staat, waarbij het als een Sodom en Gomorra, dansend op een vulkaan “na mij de zondvloed” jubelt. Dit soort pessimisme lijkt echter kinnesinne, aangezien het Vrije Westen juist de enige beschaving ter wereld is die blijk geeft van een groeiend ethisch bewustzijn. 

In een tijd dat het niet iedereen voor de wind gaat, zal de gedachte aan de ondergang van het Vrije Westen koren op de molen zijn voor doemdenkers. Doordat hun opvattingen meestal gerelateerd zijn aan hun individuele gemoedstoestand, kunnen we er bijkans van uitgaan dat het meestal een vorm van jaloezie en gevoelsmatige tekortkoming is, wanneer zij het Westen een donker scenario zien toekomen: het zogeheten “doomed by wishful thinking.” Deze groep doemdenkers bestaat soms uit individuen in het Westen zelf, die aan de zijkant moeten toekijken hoe anderen zich ongeremd kunnen vermaken. Vaker echter zijn het mensen met antiwesterse standpunten die het Westen verfoeien en het als een poel des verderfs bestempelen.

Een veel gehoorde opvatting onder cultuurpessimisten is dat het Westen aan de vooravond staat van een vernietigende implosie, welke vergelijkbaar zou zijn met de val van het Romeinse Rijk. Ook dát rijk ging immers aan decadentie ten onder. Deze opvatting blijkt echter een misvatting te zijn doordat men hier over het hoofd ziet dat er ten tijde van het Romeinse Rijk enkel een kleine machtige elite was die zich te buiten ging aan extreme weeldezucht. Deze elite stond ver af van de brede onderlaag. In het hedendaagse Vrije Westen lijkt de mogelijkheid tot luxueuze overdaad zich niet te beperken tot een kleine rijke elite, maar zich te hebben uitgestrekt tot Jan Modaal. Hier is geen sprake van toenemende decadentie maar van economische democratisering. Het vergroten van het aantal mensen dat toegang krijgt tot luxe is immers eerder humanitair dan verwerpelijk.

Ondanks dat het Westen in sociaal opzicht duidelijk voorop loopt ten opzichte van de rest van de wereld, schijnt de westerse consumptiemaatschappij volgens de critici enkel te leiden tot moreel verval. Maar is dat wel waar? Zo is de mate van beschaving onder andere af te meten aan hoe deze gelijke rechten geeft aan bijvoorbeeld vrouwen en homoseksuelen. Uiteraard hebben vele westerse landen nog steeds een lange weg te gaan wanneer het vrouwen- en homo-emancipatie betreft, maar in de Arabische wereld, Rusland, China of vele Afrikaanse culturen is de situatie echter nog veel slechter gesteld. Daar zijn de rechten van vrouwen en homo’s heden ten dage meer beperkt dan pakweg veertig jaar geleden. Wanneer decadentie gelijk staat aan moreel verval, zijn het dus juist díe culturen waarop dat van toepassing is. Gelijk aan het Romeinse Rijk is daar weldegelijk een kleine elite die zich enorm verrijkt, terwijl de mate van beschaving er alleen maar daalt.

De moraalridders die met enig chagrijn zelfs de verworvenheden van emancipatoire minderheden verwerpen door het te beschouwen als een culturele neergang, en dat vervolgens gelijk stellen aan de democratisering van consumptiemogelijkheden, lijken meestal te redeneren vanuit kleingeestige religieuze onderwerping. Ze hebben een weerzin jegens het existentialisme en ervaren elke vorm van innovatiewetenschap als een bedreiging, doordat het hun dogma’s zou kunnen betwisten. Zij beschouwen het Westen als slaven van het kapitalisme, waarbij pop- en filmsterren worden verheerlijkt, als ware het ´het dansen om het Gouden Kalf.’ Hierbij verliezen zij echter uit het oog, dat het Vrije Westen het mogelijk maakt dat ieder individu welk fictief fabelfiguur dan ook kan en mag adoreren. Hoe anders is dat in de in hun ogen meer deugdelijke niet-westerse samenlevingen.

Naast die vrijheid van godsdienstbeleving lijkt het Vrije Westen tevens een kweekvijver voor ontaard hedonisme te zijn, doordat het streven naar genot voor eenieder eerder mogelijk wordt gemaakt in een vrije samenleving. Maar is dit moreel verwerpelijk zolang het zich binnen de grenzen van de heersende ethiek afspeelt? Wat is er überhaupt “ontaard” aan het streven naar genot, zolang het de natuur niet benadeeld? Zo lijken de grote wereldgodsdiensten eerder een vorm van ontaarding in vergelijking met de natuurgodsdiensten en het communisme met de jagers-verzamelaars.

Neil Young, een van de meest sobere, niet ontaarde muzikanten van deze tijd heeft ooit in reactie op de fatwa van Ayatollah Khomeini jegens de romanschrijver Salman Rushdie, Keep On Rockin’ In The Free World geschreven. Uiteraard zal rock ’n roll vanuit antiwesterse sentimenten worden beschouwd als exponent van buitensporig verlangen, decadentie en moreel verval. In het Vrije Westen is het echter de manier bij uitstek om het vrije woord te verkondigen. Overigens werd het nummer gekaapt als lijflied door de jubelende massa Oost-Europeanen nadat de Berlijnse muur werd neergehaald. Het intense verlangen naar westerse vrijheid werd voor hen realiteit, maar wellicht dat antiwesterse cultuurpessimisten in de samenlevingsvorm van toentertijd achter die muur toch een deugdzamere heilstaat zien.

Geplaatst in Decadentie

Over Thomas Langerak

Thomas Langerak (1973, Woerden) is autodidact en beschouwt academies als een beknotting van creativiteit. Wanneer hij niet reist is hij woonachtig te Utrecht. Zijn passies liggen behalve in het bezoeken van landen en culturen, in geschiedenis en sociale antropologie en het ontdekken van muziek en literatuur.