Misdaad en straf vanuit mystiek perspectief

Vanuit de samenleving is een steeds luidere roep hoorbaar om in the war against crime meer en strenger te straffen. Aan deze roep wordt door onze politici gewillig gehoor gegeven. Hoewel het straffen van daders logisch, noodzakelijk en rechtvaardig lijkt, is het de vraag of dit ook werkelijk zo is. Deze vraag is al zo oud als het strafrecht en reeds velen hebben nagedacht over het antwoord erop. In deze beschouwing gaat het om een beantwoording van deze vraag vanuit mystiek perspectief.

Mystiek kan worden gedefinieerd als het streven van de mens naar eenwording met God. Omdat de term God bij velen het beeld oproept van een persoonlijk wezen, kan beter worden gesproken van de ultieme werkelijkheid of absolute realiteit. Er bestaan ontelbaar veel namen voor wat christenen God noemen (Brahman, Nirvana, Tao etc.) – what’s in a name? Tijdens de mystieke ervaring wordt de mens één met een realiteit die voor hem authentieker is dan de alledaagse werkelijkheid. Mystici stellen ook wel dat zij de werkelijkheid niet vanuit een egocentrisch maar transpersoonlijk bewustzijn ervaren. De ultieme werkelijkheid wordt door mystici beschreven als een realiteit van eenheid. De mens ervaart dat hij met iedereen is verbonden, dat hij en de ander in wezen één zijn. Uit de ontmaskering van afgescheidenheid als illusie vloeien universele liefde en compassie voort.

Volgens mystici is rechtvaardig handelen ieder handelen dat in overeenstemming is met het mystieke mens- en wereldbeeld. Aangezien de mens ten diepste een verbonden wezen is, staat rechtvaardig handelen gelijk aan elk handelen vanuit verbondenheid. Onrechtvaardig handelen betreft gedrag dat voortvloeit uit de illusie van afgescheidenheid. Om te bezien of een handeling slecht is, dient te worden onderzocht welke geesteshouding (bewustzijn) erachter schuilgaat. Is deze goed c.q. onzelfzuchtig, dan is de handeling goed. Is deze slecht c.q. egocentrisch of boosaardig, dan is de handeling slecht.

Volgens mystici bestaat rechtvaardig handelen jegens daders primair uit de realisering van een ommekeer in hen. Hieruit zullen spontaan berouw en de wil tot wedergoedmaking jegens slachtoffer en gemeenschap voortvloeien, evenals de belofte geen nieuwe misdaden te plegen. Ook vanuit mystiek perspectief kan rechtvaardigheid worden omschreven als ‘ieder het zijne geven’, maar dit houdt niet in dat aan daders – ter bevrediging van wraakgevoelens – opzettelijk leed moet worden toegevoegd, wat straf is. Dat is namelijk in strijd met de Gulden Regel die wortelt in de ultieme werkelijkheid en die inhoudt dat je anderen dient te behandelen zoals je zelf behandeld wilt worden. Je mag anderen niet schaden, ook niet wanneer die anderen jou wel schaden.

Mystici pleiten niet voor niet-reageren op misdaad; dat heeft met liefde en compassie niets van doen. Worden daders niet op hun misstappen gewezen, dan leren zij niet van hun fouten. Handelingen die voortkomen uit wraakgevoelens worden door mystici evenwel afgekeurd, aangezien deze negatieve emoties zijn gebaseerd op de illusie van afgescheidenheid. Hoewel ook handelingen uit woede doorgaans als onjuist kunnen worden gekwalificeerd, dient onderscheid te worden gemaakt tussen woede die gericht is op vernietiging van de dader (en die dicht tegen haat aanzit) en woede die wortelt in een liefde die strekt tot het behoud van de dader door hem de schellen van de ogen te doen vallen. Liefde kan soms hard zijn. Bij sommige daders volstaan milde maatregelen, terwijl bij andere hard optreden nodig is om hen tot inzicht te brengen. Liefde voor daders ontstaat echter pas, wanneer mensen verbondenheid met hen ervaren.

De vraag óf een ommekeer mogelijk is, wordt door mystici positief beantwoord. Ieder mens – zelfs de meest verstokte moordenaar – is in staat tot verandering. Volgens mystici zijn alle wezens sacraal. Waardigheid ontlenen zij aan hun diepste wezen dat vele namen kent (Boeddha-, Christus-, Krishnanatuur etc.). De mens mag dan door ego tot het kwade geneigd zijn, wegens zijn diepste wezen is hij hiertoe niet gedoemd. Mystici pleiten dan ook voor resocialisatie van daders middels hun spirituele ontwaking en groei. Straf c.q. intentionele leedtoevoeging staat daaraan in de weg. Resocialisatie kan overigens wel betekenen dat een dader moet worden behandeld. Voor zover daders vanuit de illusie van afgescheidenheid leven, zijn zij immers niet zozeer bad als wel mad. Zolang de intentie is gericht op heling, achten mystici bijvoorbeeld dwangopname legitiem; dwang komt dan immers niet voort uit de wil iemand te schaden.

Het mystieke ideaal is dat mensen kwaad met goed vergelden. Mystici zijn zich evenwel terdege bewust van de condition humaine: het ego is niet alleen geneigd tot misdaad maar ook tot geweld in reactie daarop (eveneens een misse daad). Echter, wanneer mensen openstaan voor het afzien van vergelding van kwaad met kwaad, dan dient daarvoor ruimte te zijn en dient dit te worden aangemoedigd.

Wellicht moeten mystici aan politiek gaan doen en in de voetsporen treden van Mahatma Gandhi, Dag Hammarskjöld en Desmond Tutu. Een mystiek geïnspireerde misdaadaanpak zou immers heel wat humaner zijn dan de hedendaagse criminaliteitsbestrijding.

Geplaatst in Straf

Over Jacques Claessen

mr. dr. Jacques A.A.C. Claessen (Maastricht, 1980) is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Maastricht. Daarnaast is hij rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg en medeoprichter van Stichting MENS (www.mensenstrafrecht.nl). Hij promoveerde in 2010 op het onderwerp Misdaad en straf. Een herbezinning op het strafrecht vanuit mystiek perspectief. Sindsdien houdt hij zich vooral bezig met strafrechtelijke sancties en herstelrecht (restorative justice) als actuele praktisering van het mystiekrechtelijke perspectief.