Koester de nuance

Als kind op de basisschool betekende vrijheid vakantie. Mijn oma van mijn moeders kant was de eerste die mij een diepere betekenis gaf van vrijheid. Met een glinstering in haar ogen vertelde zij verhalen over bevrijdingsdag. Deze verhalen eindigden altijd met: ‘Oscar, iedereen stond buiten te zwaaien met Nederlandse vlaggetjes, dit was de mooiste dag van mijn leven. Sinds deze dag waren we weer vrij.’ Aan het einde van haar leven herkende oma niemand meer; haar geheugen was weg. Maar een glans in haar ogen bleef verschijnen als je vroeg naar die ene dag: 5 mei 1945.
Ook nu staan er mensen op straat te zwaaien met Nederlandse vlaggen. Strijdend – als je hun leuzen mag geloven – voor vrijheid en vaderland. Je ziet hen voornamelijk bij demonstraties tegen asielzoekerscentra of de islam. Een van de meest bekende groepen die deze demonstraties organiseert is Pegida. Deze beweging is overtuigd van het feit dat de islam een gevaar is voor de vrijheid. De vluchtelingenstroom is volgens hen een dreiging omdat de vluchtelingen voornamelijk uit islamitische landen komen en dus islamieten zijn. Daarbij vinden zij dat de meeste vluchtelingen economische vluchtelingen zijn – ‘gelukszoekers’ – die alleen maar komen profiteren. De tegenstanders van Pegida noemt deze groep extreemrechts, nazi’s. Zij vinden juist dat Pegida de vluchtelingen de vrijheid ontneemt te zoeken naar een beter onderkomen en hun belemmert in de vrijheid van godsdienst.

Het is niet goed om met een vinger naar een hele groep te wijzen. Dat geldt voor beide kampen. Niet elke islamiet is een terrorist en niet iedere Pegida-aanhanger is een nazi. De zoektocht naar vrijheid gaat, als je goed luistert, over veiligheid. Maar veiligheid is relatief. Er is geen overheid op aarde die absolute veiligheid kan garanderen en – dit is de paradox – in naam van de veiligheid moeten we vrijheden deels opgeven.

Het niet leven in vrijheid, met het gevoel van veiligheid, is leven in angst. Het is niet moeilijk om via de media en het internet jezelf hiermee te voeden. De reden is simpel: nuance verkoopt niet. Een politicus kan roepen dat hij de grenzen wil sluiten, maar sluit daarmee gevaar niet uit. Het is de kunst om de angst serieus te nemen, maar ook te relativeren. Vrijheid is namelijk een groot goed; daar moeten we zuinig op zijn.

Een groot thema binnen dit debat is de vrijheid van meningsuiting. Politici aan de rechterkant willen deze verruimen. Discrimineren moet kunnen. De vrijheid van meningsuiting mag zich alleen beperken tot het aanzetten van geweld. Dit lijkt mij op zichzelf niet verkeerd, want dit schept duidelijkheid over hoe men werkelijk denkt. Kleur bekennen noemen ze dat. Tegelijkertijd vind ik dat een politicus in zijn rol een andere verantwoordelijkheid heeft. De vrijheid van meningsuiting mag geen vrijbrief worden voor populistische uitspraken. De ‘minder-Marokkanen’ uitspraak van Wilders is hiervan een voorbeeld. Wilders geeft hier als volksvertegenwoordiger het signaal af Marokkanen niet tot zijn volk te rekenen. Of hij hierbij nu wel of niet alleen criminele Marokkanen bedoeld is niet relevant.

Terwijl de discussie verhardt leer ik de waarde van de vrijheid van meningsuiting beter kennen. Het wordt steeds minder vanzelfsprekend. In het huidige informatietijdperk – met sociale media als het epicentrum van communicatie – wordt deze vrijheid zo hard ingezet dat ze in gevaar komt. Van dreigementen en acties van mensen met een andere mening tot het monitoren van jouw online gedrag door de overheid. Als politici zich niet voor of tegen het plaatsen voor een asielzoekerscentrum durven te uiten, omdat ze bang zijn dat er een steen door hun ruit wordt gegooid of erger, dan is dat een aanslag op de vrijheid; op zijn minst op die van de vrijheid van meningsuiting. Als rapper in de jaren 90 en de eerste jaren van het nieuwe millennium heb ik vrij geschreven over het thema racisme. Ja, dit bracht discussies tot stand, maar ik heb mij nooit bedreigd gevoeld. Kan dat nu nog steeds?

Ik koester mijn vrijheid door mijn verantwoordelijkheid te nemen. Zoals ik als kind de grenzen van mijn vrijheid opzocht, ken ik nu mijn limiet. Dat betekent inderdaad op tijd naar bed gaan en niet ongelimiteerd frisdrank en snacks naar binnen werken. Maar het betekent vooral dat mijn vrijheid ophoudt zodra ik anderen in hun vrijheid beperk. Het is zoals in de film Murder by Numbers – met in de hoofdrol Sandra Bullock – door het karakter Justin wordt gezegd: ‘All real freedom risks crime. Indeed, freedom is crime, because it thinks first of itself and not of the group.’
Anarchie is geen optie. Het is een gezonde keuze om in een samenleving afspraken te maken waardoor iedereen de kans heeft vrij te kunnen bewegen. Althans, dat is het streven en een eeuwig debat waard.

Geplaatst in Vrijheid

Over Oscar Brak

Geboren op 8 april in Manizales, Colombia, maar opgegroeid in Woerden als Oscar Brak. Na de middelbare school begint Oscar aan een studie HBO-Communicatie, waarvan hij zijn propedeuse behaald. Tegelijkertijd wordt er hard gewerkt aan een rapcarrière, waarbij Oscar zijn Colombiaanse achternaam, Davila, begint te gebruiken.   Na een lange periode actief te zijn geweest in de muziekwereld wordt de microfoon ingeruild voor de pen en schrijft Oscar columns voor o.a. hiphopgemeenschap.nl en mmaplanet.nl. Daarnaast werkt Oscar als medewerker commerciële binnendienst bij een distributeur van tijdschriften.