Geen leiders zonder maakbaarheid

“Ik geloof dat mensen hun eigen geluk maken door een gedegen voorbereiding en een goede strategie.” Een typisch citaat dat de gemiddelde liberaal als muziek in de oren zal klinken en een sociaal-democraat de wenkbrauwen zal doen fronsen. Een andere dan: “De sleutel is niet om prioriteit te geven aan wat er op de agenda staat, maar om jouw prioriteiten op de agenda te krijgen.” Aldus Stephen Covey, een in 2012 overleden management guru die tijdens zijn leven honderdduizenden mensen heeft toegesproken en die ook Barack Obama tot zijn fans mocht rekenen. De eerste uitspraak was trouwens van Jack Canfield, schrijver en samensteller van de “Chickensoup for the soul”-serie. Deze reeks zelfhulpboeken ging inmiddels meer dan 500 miljoen keer over de toonbank. Getwist kan worden over de methodes van deze motivators. Een interessantere vraag is waarom mensen toch zo massaal achter deze zelfbenoemde guru’s aanlopen, in de hoop op een beter leven.

Het maakbaarheidsideaal dat opstijgt uit de boeken van Canfield is onmiskenbaar. Heb vertrouwen, geef niet op. Ongekende welvaart en gelukzaligheid liggen op je te wachten zolang jij maar doet wat mijn formule je ingeeft. Ik kan me toch zelden ontrekken aan de gedachte dat Canfield en Covey niet veel verschillen van Boeddha, Jezus, Mohammed en eerdere en latere profeten. De centrale boodschap van al deze heren is: “Volg mij, de hemel is je deel!” Is het opmerkelijk te noemen dat die boodschap ‘linkse’ trekjes kent? De opoffering van het ego voor een hoger doel sluit naadloos aan op de ideeën van latere leiders als Fidel Castro, Che Guevara, Mao, Stalin en Lenin. Terwijl het volk zich laafde aan de nieuwe hemel op aarde groeide deze despoten uit tot iconen, met als wapen hun maakbaarheidscultus.

Duizenden mensen aten van vijf broden en twee vissen die Jezus onder hen verdeelde, zo gaat het verhaal. Het ware hongerigen in metaforische zin, die door maar genoeg geloof in hun messias te hebben de hemel op aarde in hun schoot geworpen kregen. De product-presentaties van Steve Jobs verschilden niet bijster veel van deze voorstelling. Of er over een paar eeuwen een boek zal zijn dat zal spreken van de profeet Stephen Covey of het evangelie van Steve Jobs is daarom nog niet zo’n rare aanname als het lijkt. Immers, deze mannen hadden genoeg invloedrijke vrienden om hen een mythische status mee te geven. Covey had grote hordes volgers aan zijn voeten, die zijn teksten spelden en naar de letter naleefden. Jobs wist de wereld te verbinden via zijn producten. Dat die verbinding vooral via de pinpas loopt, doet er voor veel consumenten niet toe. Jobs werd door velen een goddelijke status toegekend: hij verbond mensen, maakte het leven een stukje gemakkelijker en mooier via futuritisch design. De maakbaarheidscultus neemt, met andere woorden, een commerciële vlucht bij Saint Steve. Er is eigenlijk maar één groot verschil tussen de hedendaagse profeten en die van weleer: het vak van profeet is tegenwoordig een erg lucratieve. Maakbaarheid is daarmee definitief marktwaar geworden. Te koop bij u om de hoek.