Don’t make punk rock

Een achttal zaterdagen per jaar doceer ik grafisch ontwerpen aan de basisopleiding van de HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht). Dit is een oriëntatiejaar met verschillende beeldende vakken dat studenten naast hun studie aan de middelbare school kunnen volgen.

Als er één opmerking is die de studenten keer op keer te horen krijgen van hun docenten, is het dat ze wat meer moeten experimenteren. Andere goed bedoelde varianten hierop zijn dat ze wat vrijer moeten werken, moeten durven loslaten en vooral niet binnen de lijntjes moeten kleuren. Het probleem van dit advies is dat er meestal niet bij wordt gezegd hoe je dat moet doen. ‘Je moet gewoon gaan maken’ of ‘begin maar gewoon’, zijn tergende adviezen voor studenten die gewend zijn om precies te doen wat er in de opdracht staat.

Ik vertel mijn studenten dat er drie manieren zijn om te beginnen: 1) je hebt geen idee wat je wilt maken, 2) je weet exact wat je wil maken en 3) je weet ongeveer wat je wilt maken. Voor de geoefende kunstenaar of ontwerper kunnen alledrie de methodes prima uitpakken, maar aan mijn studenten vertel ik dat alleen de derde optie ze verder gaat helpen. Als je geen idee hebt wat je wilt maken is het onmogelijk om te bepalen of je probeersel geslaagd is of niet, en weet je niet welke kant je op moet na de eerste paar schetsen. Als je exact weet wat je wilt maken is de kans groot dat je dat ook exact gaat maken en dat het resultaat geheel in lijn ligt met dingen die je al eerder hebt gemaakt. Alleen als je een idee hebt dat specifiek genoeg is om richting te geven en vaag genoeg is om van richting te veranderen, kun je je overgeven aan het toeval dat ontstaat tijdens het proces. Dit is de enige manier om jezelf te overtreffen en de clichématige top-of-mind ideeën te omzeilen.

Vaak kom je erachter dat de tips die je aan je studenten geeft in zekere mate van toepassing zijn op je eigen praktijk of leven (bij iedereen met een vrij beroep lopen die twee dwars door elkaar). Zelf weet ik inmiddels vrij goed wat voor werk ik wil maken. Vaak draait het om het deconstrueren van politiek materiaal (vlag, volkslied of Haags jargon) om daar vervolgens een nieuwe vorm en betekenis aan te geven. Nu ik meer grip heb gekregen op wat ik wil maken, heb ik ook meer vertrouwen gekregen in mezelf als maker en is er meer ruimte voor mijn instinct.

Nu ik weet wat ik wil maken en enigszins weet wat werkt, is er in mijn hoofd langzaamaan een patroon ontstaan dat er uitziet als een veeltakkig pad in een veld met ongemaaid gras. Als je voelt dat er aan het eind van pad nummer 3 een goed ontwerp ligt, is het moeilijk om een andere weg in te slaan. Enerzijds is dit fijn omdat je je weg hebt gevonden, anderzijds moet je er constant voor waken dat je manier van werken niet verzand in het volgen van een vaste formule.

Kunstenaar en voormalig KLF-voorman Bill Drummond schreef ooit een manifest met 10 commandments of Art. Bij het vierde gebod ‘Don’t make punk rock’ schrijft hij: ‘I was back in Liverpool forming a band called Big in Japan. At that time, punk rock was at its most potent. But as we struggled to write songs for our new band, I became aware that punk rock was already a formula. If I used certain chords, in a certain order, with a certain attitude, one could mimic the sound of punk rock. But as soon as I did, it sounded rubbish. The instant a music can be defined as a genre and thus copied, it’s dead. Only make music when you don’t know what it is that you’re doing or even trying to do. Apply this commandment to all art forms and remember: don’t join the dots.’

Volgens mij is dit voor een kunstenaar het meest waardevolle aspect van het instinct: het vertelt je wanneer iets klopt, en het behoedt je voor het moment dat je alleen nog maar iets maakt als het klopt.

Geplaatst in Instinct

Over Yuri Veerman

Kunstenaar en ontwerper Yuri Veerman (1982) werkt met beladen woorden, beelden en symbolen. Het vertrekpunt in zijn werk is de relatie tussen een ongrijpbaar idee (crisis, land, volk) en de grijpbare verschijning (munt, vlag, volkslied). Zo presenteerde hij een Stardust Machine die euromunten tot stof vermaalt, vervaardigde hij post-nationalistische vlaggen uit Nederlandse vlaggen en liet hij het Wilhelmus in het Arabisch zingen door een Marokkaans-Nederlandse zangeres. Veerman is tevens mede-oprichter van Platform Beeldende Kunst en doceert grafisch ontwerpen aan de HKU en de Willem de Kooning Academy.